Hoge dieselprijzen: meest gestelde vragen

Hoge dieselprijzen zetten de transportsector onder druk. Omdat brandstofkosten een belangrijke kostenpost zijn, kunnen prijsstijgingen grote gevolgen hebben voor transportondernemers. In dit overzicht beantwoordt TLN de meest gestelde vragen over de gevolgen van de hoge dieselprijzen, de dieselclausule en de impact op het wegvervoer.

Vraag: Hoe pas ik de dieselclausule goed toe?

Antwoord: 
De ontwikkeling van de brandstofprijs is lastig te voorspellen terwijl brandstofkosten een belangrijk onderdeel van de totale kosten vormen. Door het gebruik van een brandstofclausule kunnen de risico's van sterke fluctuaties in brandstofkosten worden ondervangen. Om een brandstofclausule te kunnen toepassen is het van belang dat: 

  • Spreek een vast meetpunt voor de ontwikkeling van de brandstofprijs met de opdrachtgever af. Dit kan bijvoorbeeld de adviesprijs van de olieleverancier of de pomp “om de hoek” zijn. 
  • Duidelijk met de opdrachtgever afspreken welke brandstofprijs op dat moment als uitgangspunt wordt genomen. Als er over het startpunt en uitgangspunt duidelijkheid is, kan met instemming van beide partijen worden berekend met hoeveel procent of hoeveel cent de brandstofprijs verandert. 
  • Voor de berekening van het aanpassingspercentage duidelijkheid hebben over het aandeel van de brandstofkosten in de totale kostprijs op het moment dat het startpunt wordt vastgesteld. Hoe groter dit aandeel is, hoe sterker het effect van de stijging van de brandstof ten opzichte van de totale kosten is.
  • Afspreken om na een bepaalde tijd de prijs te herzien. Het is niet praktisch om dat bij elke aanpassing van de brandstofprijs te doen, maar bijvoorbeeld wel telkens nadat de prijs een bepaald percentage uitstijgt boven of uitkomt onder de prijs op het startpunt (de bandbreedte). Een andere mogelijkheid is om per tijdsperiode de prijs te herzien (het toetsingsmoment).

Een brandstofclausule is effectiever als de frequentie van het toepassen van de brandstofclausule korter is, de afwijking van het basisbedrag kleiner is en het aandeel in de kostprijs juist bepaald wordt.

Door de heftige en frequente stijging van de dieselolieprijs is het in de huidige situatie voor transportbedrijven, naast de hoogte van de dieselprijs, ingewikkeld om met de ontwikkelingen van de brandstofprijs om te gaan. Dit betekent dat de frequentie van het toepassen van de brandstofclausule zo kort mogelijk moet zijn, bijvoorbeeld een week. Ondanks een zo kort mogelijke termijn betekent dat ook bij het gebruik van een dieselclausule van een week een deel van de prijsfluctuaties niet goed in de afspraken te verwerken is.

Vraag: Wat doet de overheid aan de hoge dieselprijzen?

Antwoord: 
Van belang om vast te stellen wat de overheid doet is de opbouw van dieselprijs:

  • De prijs van diesel wordt voor een belangrijk deel bepaald door de olieprijs en de raffinagekosten. De “kale prijs” is de productprijs die brandstofleveranciers voor de diesel in rekening brengen. De prijs bestaat uit de kostprijs plus een winstopslag. De kostprijs omvat de kosten voor productie, distributie, marketing en andere bedrijfsactiviteiten. De kostprijs varieert onder invloed van een groot aantal factoren op de wereldmarkt, zoals de vraag naar olie, de dollarkoers en de politieke situatie zoals nu de ontwikkelingen in het Midden-Oosten.
  • Op elke liter diesel int de overheid accijns. Dit is een vast bedrag per liter, dus onafhankelijk van de kale productprijs. De EU schrijft een minimumtarief voor waar lidstaten niet onder mogen zitten. Het verschil tussen de Nederlandse accijns (ruim 55 eurocent) en het Europees minimum is ongeveer 20 cent.
  • Naast accijns is er nog een overheidsheffing voor het aanhouden van strategische noodvoorraden in Nederland. Deze heffing is minder dan een cent per liter en heeft weinig invloed op de totale prijs.
  • Over het totale bedrag van de kale prijs plus accijns plus andere heffingen wordt vervolgens 21% BTW gerekend. Dit is de enige heffing die als percentage wordt geheven. Transportbedrijven vorderen de btw terug. Ondernemers financieren de btw wel voor, immers wordt de btw betaald en een periode daarna teruggevorderd.  

De huidige dieselprijs is € 2,83 incl. btw (24 september 2026, bron OK). De prijs excl. btw is € 2,34. De accijns is 55,23 eurocent per liter. De voorraadheffing 0,8 eurocent per liter. De “kale prijs” is dan ongeveer € 1,78 per liter. Oftewel het grootste gedeelte van de dieselprijs is het deel “kale prijs”.

Sinds 2022 is er een korting op de accijns van diesel. De huidige korting is ongeveer 12 eurocent. In het coalitieakkoord is opgenomen dat de accijnskorting op diesel per januari 2027 zal vervallen. In de kabinetsplannen is opgenomen om de huidige accijnsverlaging op diesel met 1 jaar te verlengen tot eind 2027. In 2028 gaat de korting omlaag.

Vraag: Wat kunnen we verwachten als de dieselprijzen verder stijgen of schaarste ontstaat?

Antwoord:
De huidige ontwikkelingen in het Midden-Oosten hebben nu geleid tot een olieproductencrisis in plaats van een oliecrisis. Het probleem draait voor Europa niet zozeer om een tekort aan olie, maar om een tekort aan raffinagecapaciteit om van die olie diesel te maken. Vooralsnog leidt het tot een prijsopdrijvend effect en is nog geen sprake van een tekort. Uiteindelijk zal de enige manier om een mogelijk tekort aan diesel op te vangen zijn door op voorraden in te teren en, onder druk van hoge prijzen, minder diesel te gaan gebruiken.

Vraag: Wat doet TLN?

Antwoord: 
TLN is actief in de lobby richting de overheid voor de dieselprijs. Mede door de lobby inzet van TLN is de huidige accijnskorting van ongeveer 12 eurocent ook in 2027 van toepassing. Op de “kale prijs”, dat het grootste deel van de dieselolieprijs bepaalt, heeft TLN geen invloed. Wel lobbyt TLN voor meer steunmaatregelen voor de sector zoals een teruggaafregeling accijns voor professioneel gebruik, die andere EU-landen ook kennen. Met een teruggaafregeling kunnen de dieseloliekosten verlaagd worden met ongeveer 20 cent per liter. Om de liquiditeitsdruk te verlichten kan ook gedacht worden aan een langere betalingstermijn van “overheidskosten” zoals de vrachtwagenheffing.
 

Meer weten?

Contact de expert

Roger van Straaten

Beleidsadviseur